Het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK) is tot nu toe zelden toegepast in de rechtsorde en rechtspraak in Suriname. Gesteld kan worden dat dit verdrag haast geen invloed heeft gehad binnen de rechtspraak en hierdoor ook niet effectief geweest is om kinderen in Suriname te beschermen.

Sharon Geerlings-Headley, universiteitsdocent en jeugdrechtsdeskundige, concludeert dit. Zij nam op uitnodiging als lid deel aan een onderzoeksteam van familie- en jeugdrechtsspecialisten dat de ontwikkelingen binnen het internationale jeugdrecht en specifiek de invloed van het VN-kinderrechteverdrag in kaart moest brengen.

In de eerste fase van het onderzoek is er een analyse gemaakt van de doorwerking van verdragsrechten in de landen. Fase twee hield in het beschrijven en becommentariëren van de meest baanbrekende uitspraken over jeugdigen. Volgens Geerlings- Hedley is er maar één Surinaams vonnis uitgekozen bij dit onderzoek om verder bestudeerd, becommentarieerd en gepubliceerd te worden. Verwacht wordt dat er voor wat betreft Suriname niet gekeken zal worden als het Kinderrechtenverdrag van invloed is gewest bij de rechtspraak. “Er is een zeer gering aantal relevante vonnissen ter zake.”

‘Belang van het kind’ Volgens Geerlings- Headley moeten er meer proefprocessen worden ingesteld door de instanties die de belangen van het kind verdedigen. “Zij weten immers precies waar de schoen wringt.” Op deze manier kan de civiele rechter voornamelijk rechterlijke uitspraken doen. Met advocaten en rechters die gespecialiseerd zijn op het gebied van kinderrechten kan de rechtspraak vaker in het belang van het kind worden gedaan.

Het belang van het kind moet immers steeds voorop staan.

Comentar

Comentar